Ruimtebeslag
- Laatste update
-
- Volgende update
-
1/10/2029
- Temporeel bereik
-
2013-2025
Op deze pagina
32,7% van Vlaanderen is ingenomen door ruimtebeslag
Ruimtebeslag is het deel van de ruimte dat ingenomen wordt door onze nederzettingen – dus dienend voor huisvesting, industrie, handel, diensten, transport en recreatie – en land- en tuinbouwinfrastructuur, zoals stallen en serres. Ook tuinen, parken en sportterreinen maken deel uit van het ruimtebeslag. Gebieden met landbouwteelten, weiden en natuur zijn geen ruimtebeslag.
Een hoog ruimtebeslag zet de biofysische capaciteit van land en bodem – de ruimte nodig voor het onderhouden van ecosysteemdiensten zoals voedselproductie, waterbuffering en -filtering, en klimaatregeling – onder druk. Bovendien verhindert het nog steeds verder uitdijen van het ruimtebeslag een duurzame ruimtelijke ontwikkeling, vooral als die uitbreiding op een versnipperde – en ongecontroleerde – manier tot stand komt. Dit brengt immers veel ruimtelijke conflicten, dure maatschappelijke en economische inefficiëntie en een negatieve impact op milieu en natuur met zich mee. Openbare diensten worden duurder en moeilijker te verlenen, de netwerken van openbaar vervoer worden ontoereikend, en de afhankelijkheid van de auto wordt groter, met fileproblemen en hoger energieverbruik tot gevolg. Daarnaast veroorzaakt de uitbreiding van ruimtebeslag ook toenemende schaarste aan landbouwgronden, met een stijging van de prijsdruk als gevolg. Bijkomend worden natuurlijke hulpbronnen te intensief gebruikt, neemt de biodiversiteit af en raakt de verhouding tussen koolstofuitstoot en -opslag door veranderend landgebruik steeds meer uit balans. De bodemafdekking die gepaard gaat met ruimtebeslag verhoogt bovendien het risico op overstromingen én tegelijk waterschaarste, verslechtert de bodemkwaliteit en genereert meer hittestress op bepaalde sterk verharde plekken.
In 2025 bedraagt de oppervlakte aan ruimtebeslag 445 660 ha, wat neerkomt op 32,7% van het Vlaams grondgebied. Dit zeer hoge aandeel ruimtebeslag overtreft zelfs dat van Malta, de lidstaat met veruit het hoogste ruimtebeslag binnen de Europese Unie (30,8% in 2022). Vlaanderen is dus een zeer verstedelijkte regio, met nog relatief weinig ruimte voor natuur en landbouw in vergelijking met de rest van Europa. Bovendien toont het kaartbeeld aan dat het ruimtebeslag in Vlaanderen zeer verspreid en versnipperd voorkomt.
De daling van de groeisnelheid van het ruimtebeslag is gestabiliseerd
De Conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (2025) bevat de doelstelling om het netto bijkomend ruimtebeslag tegen 2040 terug te dringen tot 0 hectare. Dat is de centrale doelstelling binnen één van de drie transformatieopgaves om de Vlaamse beleidsactie ‘bouwshift’ te realiseren, die inhoudt dat nieuwe (bouw)ontwikkelingen tegen 2040 volledig plaatsvinden binnen het bestaande ruimtebeslag. Vanaf dan treedt dus geen netto-uitbreiding van het ruimtebeslag meer op.
In de periode 2013-2025 is de oppervlakte van het ruimtebeslag toegenomen van 426 453 ha tot 445 660 ha, oftewel van 31,3% naar 32,7% van Vlaanderen. Dit komt overeen met een (netto)groei van meer dan 19 000 ha of een groeisnelheid van gemiddeld 1 600 ha per jaar oftewel 4,4 ha per dag. Deze groei van ruim 19 000 ha is het nettoresultaat van enerzijds een brutogroei met ongeveer 33 000 ha (= nieuw ruimtebeslag) en anderzijds een brutodaling van zo’n 14 000 ha (= verdwenen ruimtebeslag). Het nieuwe en verdwenen ruimtebeslag komen zowat overal binnen Vlaanderen voor. Het gaat in beide gevallen hoofdzakelijk over vele (zeer) kleine percelen die sterk verspreid voorkomen in zowel het verstedelijkt als het landelijk gebied.
De groeisnelheid van het ruimtebeslag is sterker in het begin van de meetperiode dan in de laatste 6 jaren: in de periodes 2013-2016 en 2016-2019 bedroeg deze nog gemiddeld zo’n 5 ha per dag, terwijl dit in 2019-2025 is teruggevallen tot gemiddeld zo’n 3,8 ha per dag. De daling van de groeisnelheid in de periode 2019-2022 is gestabiliseerd in de periode 2022-2025.
Huisvesting blijft de belangrijkste aandrijver van het groeiend ruimtebeslag
In 2025 nemen huizen en tuinen (39,5%) en transportinfrastructuur (18,9%) het grootste aandeel in binnen het ruimtebeslag.
Huizen en tuinen (meer dan 10 400 ha nettogroei) en de 3 “economische” klassen (industrie, diensten en commerciële doeleinden samen) (ca. 4 500 ha) leverden de grootste bijdrage aan de absolute verandering van de oppervlakte van het ruimtebeslag t.o.v. 2013. Zij worden gevolgd door transportinfrastructuur (bijna 3 400 ha), landbouwgebouwen en -infrastructuur (ca. 1 700 ha) en recreatie (meer dan 1 400 ha). In relatieve termen was de groei het grootst bij landbouwgebouwen en -infrastructuur (+20%), economische activiteiten (+7%) en huizen en tuinen (+6%).
Aanvullende informatie
Definitie
Het concept ‘ruimtebeslag’ is gedefinieerd in de Conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen als de ruimte die ingenomen wordt door onze nederzettingen, dus door huisvesting, industriële en commerciële doeleinden, transportinfrastructuur, recreatieve doeleinden, landbouwinfrastructuur, enz. Parken, tuinen, sportvelden, ecoducten over infrastructuren en sommige bermstroken en taluds langs (weg)infrastructuren behoren ook tot het ruimtebeslag.
Het begrip ruimtebeslag vindt zijn oorsprong in de definitie die de Europese Commissie (2012) hanteert voor 'settlement area' of 'artificial land', namelijk "the area of land used for housing, industrial and commercial purposes, health care, education, nursing infrastructure, roads and rail networks, recreation (parks and sports grounds), etc. In land use planning, it usually corresponds to all land uses beyond agriculture, semi-natural areas, forestry, and water bodies".
Verantwoording
De problematiek van bijkomend ruimtebeslag of ‘land take’ stelt zich overal in Europa en zet de biofysische capaciteit van land en bodem – de ruimte nodig voor het onderhouden van ecosysteemdiensten zoals voedselproductie, waterbuffering en -filtering, en klimaatregeling – onder druk. In België is dit niet anders. Bovendien is het ruimtebeslag in het Vlaamse Gewest in het bijzonder zeer hoog (nog hoger dan in Malta, dat veruit het hoogste ruimtebeslag van de Europese lidstaten heeft), en ligt het zeer verspreid en versnipperd.
Het nog steeds verder uitdijen van het ruimtebeslag verhindert een duurzame ruimtelijke ontwikkeling, vooral als die uitbreiding op een versnipperde – en ongecontroleerde – manier tot stand komt. Dit brengt immers veel ruimtelijke conflicten, dure maatschappelijke en economische inefficiëntie en een negatieve impact op milieu en natuur met zich mee. Openbare diensten worden duurder en moeilijker te verlenen, de netwerken van openbaar vervoer worden ontoereikend, en de afhankelijkheid van de auto wordt groter, met fileproblemen en hoger energieverbruik tot gevolg. Daarnaast veroorzaakt de uitbreiding van ruimtebeslag ook toenemende schaarste aan landbouwgronden, met een stijging van de prijsdruk als gevolg. Bijkomend worden natuurlijke hulpbronnen te intensief gebruikt, neemt de biodiversiteit af en raakt de verhouding tussen koolstofuitstoot en -opslag door veranderend landgebruik steeds meer uit balans. De bodemafdekking die gepaard gaat met ruimtebeslag verhoogt bovendien het risico op overstromingen én tegelijk waterschaarste, verslechtert de bodemkwaliteit en genereert meer hittestress op bepaalde sterk verharde plekken.
Beleidscontext
De Vlaamse Regering keurde op 14 juli 2025 de Conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen goed, met daarin een doelstelling om het netto bijkomend ruimtebeslag tegen 2040 terug te dringen tot 0 hectare. Dit is de centrale doelstelling binnen één van de drie transformatieopgaves om de Vlaamse beleidsactie ‘bouwshift’ te realiseren, die inhoudt dat nieuwe (bouw)ontwikkelingen tegen 2040 volledig plaatsvinden binnen het bestaande ruimtebeslag. Vanaf dan treedt dus geen netto-uitbreiding van het ruimtebeslag meer op.
Om tegen 2030 een koolstofneutraal landgebruik te bereiken, voorziet het Vlaams Energie- en Klimaatplan (VEKP) 2021–2030 in maatregelen zoals een hogere opslag van koolstof in de bestaande natuur- en landbouwgronden (door ander beheer en bewerking van de bodem), minder ontbossing, meer natuur-, water- en bosoppervlakte én ook de uitvoering van de bouwshift. De achterliggende doelstellingen van de bouwshift – het behoud van landbouw- en natuurruimte en bijgevolg de afbouw van bijkomend ruimtebeslag – staan dus in rechtstreeks verband met de klimaatverplichtingen.
De Europese Commissie nam in 2011 de Roadmap to a Resource Efficient Europe aan met de aanbeveling dat elke lidstaat tegen 2050 'no net land take' bereikt. Land take wordt daarin omschreven als de transformatie van landbouw, bos of ander (half)natuurlijk landgebruik naar stedelijk of ander artificieel landgebruik (m.a.w. naar ruimtebeslag). Land take kan dus beschouwd worden als een synoniem voor bijkomend ruimtebeslag. Deze doelstelling is een niet-bindende Europese richtlijn tot bescherming van de eindige, natuurlijke hulpbronnen. De EU nam haar ook op in het 7th Environment Action Programme (2014).
Verder speelt ruimtebeslag ook nog een rol in de Europese LULUCF-verordening (Verordening EU 2018/841), die betrekking heeft op de broeikasgasemissies en -verwijderingen als gevolg van activiteiten m.b.t. landgebruik, verandering in landgebruik en bosbouw (land use, land use change and forestry (LULUCF)). Initieel hield deze klimaatverordening in dat het landgebruik in elke lidstaat tegen 2030 klimaatneutraal moet zijn, m.a.w. dat de CO2-opslag in balans moet zijn met de CO2-uitstoot veroorzaakt door het landgebruik ('no-debit rule'). In maart 2023 werd een herziening van de LULUCF-verordening goedgekeurd, waarbij de doelstelling van de no-debit rule werd verstrengd en aan elke EU-lidstaat een verplichting tot bijkomende CO2-opslag wordt opgelegd tegen 2030. Voor België bedraagt de doelstelling 320 kt CO2-eq. Ruimtebeslag ('settlements') is één van de landgebruiksklassen waarvan de koolstofvoorraad moet gemonitord worden.
De Europese Commissie kondigde ten slotte in haar Bodemstrategie voor 2030 (2021) een Bodemmonitoringswet aan, die in 2025 werd goedgekeurd. Volgens deze richtlijn moeten de lidstaten de impact van bijkomend ruimtebeslag (land take) monitoren en (vrijwillige) maatregelen nemen om dat te beperken.
Doelen
Verschillende Vlaamse en Europese beleidsdocumenten (zie hierboven) bepalen dat het bijkomend ruimtebeslag stelselmatig moet verminderen om uiteindelijk uit te komen op (bijkomend) 0 hectare per dag. De Conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen stelt dat de netto bijkomende inname door ruimtebeslag stelselmatig zal dalen naar 0 in 2040 en ruimtelijke uitbreidingen op middellange termijn een uitzondering in de ruimtelijke ontwikkelingspraktijk vormen. Dit betekent dat Vlaanderen de Europese aanbeveling van no net land take tegen 2050 al tien jaar eerder wil behalen.
Gerelateerde documenten
- Conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen
- Europese Commissie, 2012 - Guidelines on best practice to limit, mitigate or compensate soil sealing
- Vlaams Energie- en Klimaatplan (VEKP) 2021-2030
- Roadmap to a Resource Efficient Europe
- Verordening (EU) 2018/841 inzake de opname van broeikasgasemissies en -verwijderingen door landgebruik, verandering in landgebruik en bosbouw in het klimaat- en energiekader 2030
- Herziening van de LULUCF-verordening
- EU-bodemstrategie voor 2030
- EU Soil Monitoring Law
Databronnen
De indicator is gebaseerd op de open geografische datalaag ‘ruimtebeslag’, die periodiek door het Departement Omgeving wordt gepubliceerd (zie Open data hieronder). Deze geodatalaag wordt elke drie jaar opgemaakt en gepubliceerd en is nu beschikbaar voor 2013, 2016, 2019, 2022 en 2025. Deze datalaag is op zich een afgeleid product van de geografische datalaag ‘landgebruik’, die bovendien gebruikt wordt om (de evolutie van) het specifieke landgebruik binnen ruimtebeslag te bepalen.
De achterliggende bronbestanden en de methodiek van de opmaak van deze datalagen staan beschreven in het technisch rapport ‘Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2025’.
Berekeningswijze
De geografische datalaag 'ruimtebeslag' is een GIS-rasterbestand met een ruimtelijke resolutie van 10 m en met 2 mogelijke celwaarden: 'ruimtebeslag' en 'geen ruimtebeslag'. Oppervlaktes worden berekend door de aggregatie van deze cellen. Het landgebruik binnen ruimtebeslag wordt bepaald door een overlay van de ruimtebeslagkaart met de 10m-landgebruikskaart met 19 categorieën.
Datakwaliteit, methodekwaliteit en mogelijke verbeteringen
De onzekerheden en beperkingen worden beschreven in het technisch rapport 'Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2025'.
Gerelateerde documenten
- Laatste update
-
- Volgende update
-
1/10/2029
- Periodiciteit
- 3-jaarlijks
- Temporeel bereik
-
2013-2025
- Geografisch bereik
- Vlaanderen
Deze indicator hoort bij de volgende onderwerpen
Verwante indicatoren
Download
Vragen?
Mail uw vraag of suggestie naar het Vlaams Planbureau voor Omgeving.