Ruimtebeslag

Laatste update

Temporeel bereik

2013-2019

De oppervlakte ruimtebeslag in 2019 bedraagt 453.488 ha, wat overeenkomt met 33,3% van het Vlaamse grondgebied (Poelmans et al., 2021). In absolute cijfers is er 11.000 ha aan ruimtebeslag bijgekomen t.o.v. 2013. Dit komt overeen met een gemiddelde groeisnelheid van ongeveer 1,845 ha/jaar of gemiddeld 5,1 ha/dag.

De groei van het ruimtebeslag komt zowat overal voor binnen Vlaanderen. Het gaat veelal over kleine percelen ruimtebeslag die sterk verspreid voorkomen in zowel het verstedelijkt gebied als het landelijk gebied.

Gebieden waar er ruimtebeslag is ‘verdwenen’ in de periode 2013-2019 komen ook zeer verspreid voor in Vlaanderen.
Er zijn verschillende redenen voor het verdwijnen van ruimtebeslag. In sommige gevallen gaat het over werkelijke veranderingen die zijn opgetreden in landgebruik in deze periode. Anderzijds gaat het ook vaak om actualiseringen of verbeteringen die zijn aangebracht in de bronbestanden die werden gebruikt voor het in kaart brengen van het landgebruik en ruimtebeslag. Niet alle verschuivingen, zowel bijkomend ruimtebeslag als ruimtebeslag dat verdwijnt, die afgelezen kunnen worden uit het kaartbestand zijn met andere woorden reële veranderingen die hebben plaatsgevonden in de periode 2013-2019. Eén van de mogelijke oorzaken hiervan is het feit dat niet voor alle gebruikte databronnen de meest actuele toestand op terrein is weergegeven op de datalaag.

Binnen het ruimtebeslag treden er heel wat verschuivingen op. Zo is er een grote ‘uitwisseling’ tussen de categorieën ‘Huizen en tuinen’ en ‘Overige bebouwde terreinen’: 5% van de huizen en tuinen in 2019 waren in 2013 nog ‘overig bebouwd perceel’ en 4% van de huizen en tuinen uit 2013 wijzigen in ‘overig bebouwd perceel’ in 2019. Deze kan worden verklaard doordat de residentiële categorie in kaart wordt gebracht op basis van adresgegevens vanuit het rijksregister. Tijdelijk leegstaande woningen of woningen waar (tijdelijk) niemand gedomicilieerd is, zullen hierdoor niet in de categorie ‘Huizen en tuinen’ ondergebracht zijn, maar in de categorie ‘overige bebouwde percelen’. Het minst stabiele landgebruik is dan ook de categorie ‘overige bebouwde terreinen’. Slechts 61% van de locaties met ‘overige bebouwde terreinen’ in 2013 zitten nog in deze categorie in 2019.

Ook tussen de residentiële categorie en de economische activiteiten treden er veel verschuivingen op. Een deel van de verklaring ligt bij de manier waarop de economische landgebruiken in kaart zijn gebracht: percelen die opgenomen zijn als ruimtebeslag in de databank met Bedrijventerreinen, maar waarvoor de economische activiteit niet eenduidig kan worden teruggevonden in de VKBO-databank of in de databank met gebruikspercelen van de Bedrijventerreinen worden in niveau 2 van de landgebruikskaart toegekend aan ‘overige bedrijventerreinen’ en in de éénlagige landgebruikskaart ingedeeld in de categorie ‘industrie’.

Naarmate de databanken dus beter bijgewerkt worden of doordat er aanpassingen gebeuren in de percelen op de bedrijventerreinen, worden dus meer economische activiteiten specifiek op de juiste plek op kaart gezet en daalt het aandeel ‘overige bedrijventerreinen’ in niveau 2 van het landgebruiksbestanden dus ook de oppervlakte voor ‘Industrie’ op die locatie. Ook verbeteringen of aanpassingen die optreden bij het in kaart brengen van de voorzieningen volgens de POI en in de VKBO (Verrijkte Kruispuntbank voor Ondernemingen) kunnen leiden tot verschuivingen tussen verschillende economische sectoren. In 2016 ging het nog om meer dan het dubbele aantal vestigingen waarvoor de adrespositie niet aan het juiste perceel kon worden gekoppeld (Poelmans et al., 2019). Verbeteringen in CRAB (het centrale adressenbestand van Vlaanderen) in de tijd kunnen dus zorgen voor verschuivingen in de percelen die worden ingenomen door voorzieningen en economische activiteiten.

De enige categorie binnen het ruimtebeslag die afneemt in de tijd is de oppervlakte van de ‘overige onbebouwde terreinen’ (-2.200 ha). Deze categorie wordt vooral omgezet in andere categorieën binnen het ruimtebeslag: 17% van de oppervlakte uit 2013 wordt omgezet in een andere categorie binnen het ruimtebeslag.

Aanvullende informatie

Definitie

Het begrip ruimtebeslag stemt volgens diezelfde strategische visie overeen met de Europees gehanteerde definitie van ‘settlement area’: “Ruimte, ingenomen door onze nederzettingen, dus door  huisvesting, industriële en commerciële doeleinden, transportinfrastructuur, recreatieve doeleinden, serres etc. Parken en tuinen maken hier ook deel van uit. Ecoducten over infrastructuren en sommige  bermstroken en taluds langs (weg)infrastructuren behoren volgens de geldende technische definities (2019) ook tot het ruimtebeslag. Het ruimtelijk beleid zal in de operationele kaders steeds voorzien in een technische handleiding die duiding geeft bij (de internationale afspraken over) de technische invulling van dit begrip. Beleidskaders kunnen zich uitspreken over de beleidsmatige implicaties hiervan.

Bij de nulmeting voor toestand 2013 bedroeg de oppervlakte ruimtebeslag 442.000 ha of 32,5 % van het Vlaamse grondgebied. Voor toestandsjaar 2019 bedraagt de oppervlakte ruimtebeslag 453.000 ha, of 33,3 % van het Vlaamse grondgebied.

Eenheid: zie figuren

Verantwoording

"‘Ruimtebeslag’ is een afgeleid product van het landgebruiksbestand. Het concept ‘ruimtebeslag’ is gedefinieerd in het witboek en in de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte als dat deel van de ruimte waarin de biofysische functie niet langer de belangrijkste is. Het gaat, met andere woorden, over de ruimte die ingenomen worden door onze nederzettingen (dus voor huisvesting, industriële en commerciële doeleinden, transportinfrastructuur, recreatieve doeleinden en ook parken en tuinen).

Om de evolutie van het bijkomend ruimtebeslag te kunnen opvolgen en om de evolutie van het ruimtebeslag te kunnen sturen naar een ontwikkeling waarbij het ruimtebeslag niet meer toeneemt tegen 2040, zoals gesteld in de strategische visie van het BRV, is er nood aan een consistente tijdreeks met gegevens over het ruimtebeslag. Hiertoe werd in 2013 gewerkt aan een nulmeting van het ruimtebeslag dat werd uitgevoerd op basis van het landgebruiksbestand, toestand 2013. Hierbij werd het concept ‘ruimtebeslag’ geconcretiseerd en in kaart gebracht als rechtstreekse afgeleide van het landgebruiksbestand."

Beleidscontext

Het concept ‘ruimtebeslag’ is gebaseerd op de definitie die de Europese Commissie hanteert voor ‘settlement area’ of ‘artificial land’, namelijk ‘the area of land used for housing, industrial and commercial purposes, health care, education, nursing infrastructure, roads and rail networks, recreation (parks and sports grounds), etc... In land use planning, it usually corresponds to all land uses beyond agriculture, semi-natural areas, forestry, and water bodies.’ (European Commission, 2012).

Dit concept wordt in het Ruimterapport Vlaanderen (RURA), de Vlaamse openbare statistieken en de Strategische visie Beleidsplan Ruimte Vlaanderen gehanteerd.

Doelen

  • De Vlaamse Regering keurde op 20 juli 2018 de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen goed, met daarin een strategische doelstelling nummer 1:“Verminderen van het bijkomend ruimtebeslag: het bijkomend gemiddeld dagelijks ruimtebeslag is tegen 2040 teruggedrongen tot 0 hectare.”
  • Daarnaast wordt een tussentijdse doelstelling geformuleerd: “De daling  van  de  gemiddelde dagelijkse ruimte-inname van  6  ha/dag naar 0 ha/dag volgt een ambitieus ritme, waarbij tegen 2025 de dagelijkse ruimte-inname beperkt is tot 3 ha/dag".

Gerelateerde beleidsdocumenten

 

Berekeningswijze

Het ruimtebeslag , zoals hier samengesteld, is gebaseerd op 4 niveaus van het 'landgebruiksbestand 2019'. Meer bepaald wordt het ruimtebeslag gedefinieerd door een combinatie van een aantal landgebruikscategorieën op de verschillende niveaus. Voor meer technische details over de totstandkoming van het onderliggende 'landgebruiksbestand' en over de gehanteerde methode van toewijzing tot de indicator 'ruimtebeslag' wordt verwezen naar het rapport Poelmans L., Janssen L., Hambsch L. (2021) Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2019.

Voor de berekening van de percentages werd uitgegaan van een totale oppervlakte van het Vlaamse Gewest van 1.362.444 ha, op basis van het ‘voorlopig referentiebestand gemeentegrenzen’ dat Informatie Vlaanderen gepubliceerd heeft op 1 januari 2019.

Methodiek referenties

Poelmans, L., Janssen, L., Hambsch, L. (2021). Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2019, uitgevoerd in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving. https://archief-algemeen.omgeving.vlaanderen.be/xmlui/handle/acd/449392

Poelmans, L., Janssen, L., Hambsch, L. (2019). Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2016, uitgevoerd in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving.

Datakwaliteit, methodekwaliteit en mogelijke verbeteringen

De onzekerheden en beperkingen worden beschreven in het rapport Poelmans L., Janssen L., Hambsch L. (2021) Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2019.

Databronnen

  • Producent: De indicator werd berekend door VITO in opdracht van het departement Omgeving. 
  • Dataset: De databronnen worden beschreven in het rapport Poelmans L., Janssen L., Hambsch L. (2021) Landgebruik en ruimtebeslag in Vlaanderen, toestand 2019
Laatste update

Periodiciteit
3-jaarlijks
Temporeel bereik

2013-2019

Geografisch bereik
Vlaanderen

Deze indicator hoort bij de volgende onderwerpen